Preek Paasmorgen, zondag 5 april 2026
For English translation scoll down
Broeders en zusters in de verrezen Heer,
Wij vieren vandaag de kern van ons geloof. Als Christus niet verrezen was, dan was ons hele geloof waardeloos. Het geloof in de verrijzenis is wel een geloof! We horen dat in het Evangelie dat wij zojuist gehoord hebben. Petrus en Johannes komen bij het graf. Zij gaan het graf binnen en wat zien ze? Niks! Het graf is leeg. Maar dan komen de vragen. Waar is Jezus? Hoe komt het dat het graf leeg is?
De eerste reactie zal kunnen zijn: ze hebben het graf geroofd. Dat is de reactie van Maria Magdalena: "Ze hebben de Heer uit het graf genomen en wij weten niet waar ze Hem hebben neergelegd." Maar de zwachtels liggen netjes opgerold. Dat maakt roof onwaarschijnlijk. Als je het graf rooft, dan heb je haast. Dan ga je niet eerst het lijk van de zwachtels ontdoen en vervolgens de zwachtels netjes oprollen om het geordend achter te laten. Dat kost te veel tijd en die heb je niet. Dus roof is onwaarschijnlijk.
Of was Jezus soms niet echt dood? Daartegen pleit dat zijn zijde doorstoken was door een lans en er bloed en water uitkwam. Jezus was dus dood. Bovendien: de leerlingen en Maria zullen toch echt wel gezien hebben dat Hij dood was. Maar ook al zou Hij niet echt dood geweest zijn, hoe kan Hij, verzwakt als Hij was, de steen hebben kunnen wegrollen? Hulp van buiten is onwaarschijnlijk, ook omdat soldaten het graf bewaakten met het oog op diefstal.
Om dan op de gedachte te komen dat Jezus verrezen is, dat Hij die dood, was weer levend geworden is, dat is toch voor ons denken onmogelijk! Als het graf niet leeg was, dan wist je zeker dat Hij niet verrezen was. Juist hier openbaart God zijn almacht. De verrijzenis gaat aan ons denken en kunnen voorbij. Voor ons mensen is de dood het onherroepelijk einde. Maar zou God, die heel de schepping uit het niets geschapen heeft, een dode niet tot leven kunnen wekken? De verrijzenis is daarom een openbaring van de almacht van God en van Gods liefde voor de mensen. Voor God is werkelijk niets onmogelijk.
Jezus had toch ook voorzegd dat Hij overgeleverd zou worden, dat Hij veel zou moeten lijden van de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden, maar dat Hij na ter dood gebracht te zijn op de derde dag zou verrijzen? Petrus had toen gereageerd met de woorden: ‘Dat verhoede God’. Van Jezus kreeg Petrus een uitbrander: “Ga weg, Satan, jij laat je leiden door menselijke overwegingen en niet door wat God wil.” Zijn de leerlingen vergeten dat Jezus tot drie keer toe zijn lijden, sterven én verrijzenis heeft voorspeld?
Ook wij kunnen vergeten zijn dat Jezus dit voorzegd heeft. Ook wij kunnen blind zijn en zeggen: Dit kan niet! Zijn ook wij dan soms vergeten wat Jezus gezegd heeft? Johannes, bij het zien van het lege graf, in ieder geval niet. Hij zag! En wat zag hij? Niets! Het graf is leeg. En wat was zijn reactie: Hij geloofde! Hij gelooft dat Jezus, die gestorven was, leeft! Hij geloofde Jezus, Hij geloofde het woord van Jezus, dat wat Jezus voorzegd had, nu gebeurd is. Dat is het Paasgeloof!
Johannes heeft een innerlijke zekerheid. Geloof is namelijk de vaste grond van wat wij hopen. De wonderdaden, de genezingen die Jezus verricht heeft, hoe Hij mensen gezond maakte, hoe Hij zelfs doden in het leven terug riep, zijn allemaal voorbereidingen op dit ene grote moment: zijn verrijzenis. Later vandaag, in de middag en avond, verschijnt Jezus aan zijn leerlingen, aan de leerlingen van Emmaüs en aan de apostelen waar Thomas niet bij is. En dan kunnen ze het haast nog niet geloven.
Nu staan wij stil bij dit grote wonder. Hier grijpt God in in zijn schepping. In de Paaswake hoorden we het scheppingsverhaal waarin God zag, nadat Hij alles geschapen had, dat het zeer goed was. Wij zien in onze tijd niet een schepping die zeer goed is. Hoe komt het dat de schepping niet meer zo goed is? Er is zoveel oorlog in de wereld, er is zoveel dreiging in de wereld. Is dat omdat God de wereld niet goed geschapen heeft? Komt dat niet door de mensheid zelf? Zijn de mensen zelf niet verantwoordelijk voor zoveel ellende? Gods geliefde kinderen zijn ontaard, zij doden elkaar.
De hele schepping, die God zo schoon geschapen had, eindigt in de dood, keert terug naar het niets. Niemand kan in leven blijven. Gods schepping is door de zonde vernietigd. En wij kunnen onszelf ons niet redden.
God die rijk is aan erbarming is mens geworden om ons, om zijn schepping te verlossen uit de slavernij, uit de tirannie van de zonde en dood. Hij is mens geworden zoals wij, behalve in de zonde. Hij is een sterfelijk mens geworden als iedere mens. Jezus sterft als mens, maar God kan niet sterven. Jezus nu is als mens onze dood ingegaan. Zijn dood is onze dood, maar God doet zijn Zoon uit de dood opstaan. Daar, in de dood van zijn Zoon, maakt God zijn schepping nieuw.
In het begin schiep God de hemel en de aarde vanuit het niets. In de dood maakt God een nieuw begin, een nieuwe schepping. God schept een nieuwe schepping vanuit de dood, vanuit het niets. De verrijzenis is een nieuwe schepping. De verrijzenis is niet een terugkeren naar de oude schepping maar een nieuwe geboorte door de dood heen. En waar de dood een nieuwe geboorte is ten leven, daar is er geen dood meer.
Door ons doopsel en ons vormsel zijn wij door de verrezen Christus omarmt en opgenomen in zijn liefde. Door ons doopsel - de onderdompeling in het water is daar het beeld van - zijn wij in de dood van Christus ondergedompeld en zijn wij met Hem gestorven. Als wij in vereniging met Hem gestorven zijn, zullen wij ook met Hem verrijzen.
In ons Doopsel zijn wij met Christus verenigd, zijn wij met Christus bekleed, waar ons doopkleed het teken van is. Met Christus, met Gods Zoon bekleed zijn, zijn wij zonen van God, kinderen van God geworden. Als kind van God zijn wij een nieuwe schepping, is God onze Vader, en zijn wij met Christus kinderen van de verrijzenis en het eeuwig leven geworden. Wij kunnen wel de genade van ons doopsel verliezen door van Christus los te geraken. Dan is er geen redding meer mogelijk.
Laten wij het Paasfeest vieren, het hoge feest dat God onze Vader is. Laat ons jubelen van vreugde dat God ons verlost heeft door zijn Zoon, dat wij zijn geliefde kinderen geworden zijn, krachtens ons doopsel. Laten wij God danken om zijn goedheid, zijn barmhartigheid en zijn trouw. Dit is de dag die God voor ons heeft gemaakt en gegeven. Laten wij hem vieren in blijdschap.
Met Maria, de koningin des hemels, mogen ook wij ons verheugen. Koningin des hemels: verheug u, omdat Gods Zoon en uw zoon waarlijk verrezen is. U allen wensen wij, Kapelaan Beekman, emeritus pastoor de Gilde, en de oud-pastoor van onze parochie Dominique Donders en ik, een Zalig Pasen! Amen.
Homily for Easter
By Fr. Frank As
Brothers and sisters in the risen Lord,
Today we celebrate the core of our faith. If Christ had not risen, then our whole faith would be worthless. The belief in the resurrection is a faith! We hear that in the Gospel that we have just heard. Peter and John arrive at the tomb. They enter the tomb and what do they see? Nothing! The tomb is empty. But then the questions come. Where is Jesus? How come the tomb is empty?
The first reaction may be: they have robbed the grave. That is the reaction of Mary Magdalene: "They have taken the Lord out of the tomb and we do not know where they have laid Him." But the bandages are neatly rolled up. That makes robbery unlikely. If you rob the grave, then you are in a hurry. Then you don't first remove the corpse from the bandages and then roll the bandages neatly to leave it in order. That takes too much time and you don't have it. So robbery is unlikely.
Or was Jesus not really dead? Against this is the fact that his side was pierced by a lance and blood and water came out. So Jesus was dead. Moreover, the disciples and Mary must have seen that He was dead. But even if He had not really been dead, how could He, weakened as He was, have rolled away the stone? Help from outside is unlikely, also because soldiers guarded the grave with a view to theft.
To then arrive at the thought that Jesus is risen, that He who was dead has become alive again, that is impossible for our thinking! If the tomb was not empty, then you knew for sure that He had not risen. It is precisely here that God reveals his omnipotence. The resurrection passes by our thinking and ability. For us humans, death is the irrevocable end. But could not God, who created all creation out of nothing, bring a dead person back to life? The resurrection is therefore a revelation of God's omnipotence and of God's love for man. For God, nothing is impossible.
Hadn't Jesus also predicted that He would be handed over, that He would have to suffer much from the elders, the chief priests and the scribes, but that after being put to death He would rise on the third day? Peter had responded with the words: 'God forbid'. Peter was scolded by Jesus: "Go away, Satan, you are led yourself by human considerations and not because of what God wants." Have the disciples forgotten that Jesus predicted his suffering, death and resurrection three times?
We too may have forgotten that Jesus foretold this. We too can be blind and say: This is not possible! Have we also forgotten what Jesus said? John, at the sight of the empty tomb, certainly not. He saw! And what did he see? Nothing! The tomb is empty. And what was his reaction: He believed! He believes that Jesus, who had died, is alive! He believed Jesus, He believed the word of Jesus, that what Jesus had foretold has now come to pass. That is the Easter faith!
John has an inner certainty. Faith is the solid ground of what we hope. The miracles, the healings that Jesus performed, how He healed people, how He even called the dead back to life, are all preparations for this one great moment: His resurrection. Later today, in the afternoon and evening, Jesus appears to his disciples, to the disciples of Emmaus and to the apostles where Thomas is not present. And then they can still hardly believe it.
Now we reflect on this great miracle. Here God intervenes in his creation. In the Easter Vigil we heard the creation story in which God saw, after He had created everything, that it was very good. We do not see in our time a creation that is very good. Why is it that creation is no longer so good? There is so much war in the world, there is so much threat in the world. Is that because God did not create the world well? Isn't that because of humanity itself? Aren't the people themselves responsible for so much misery? God's beloved children are degenerated: they kill each other.
The whole creation, which God had created so beautifully, ends in death, returns to nothingness. No one can stay alive. God's creation has been destroyed by sin. And we can't save ourselves.
God, who is rich in mercy, became man to redeem us, to redeem his creation from slavery, from the tyranny of sin and death. He became man like us, except in sin. He has become a mortal man like any man. Jesus dies as a man, but God cannot die. Now Jesus has entered into our death as a man. His death is our death, but God raises his Son from the dead. There, in the death of his Son, God makes his creation new.
In the beginning, God created heaven and earth from nothing. In death, God makes a new beginning, a new creation. God creates a new creation out of the death, from nothing. The resurrection is a new creation. The resurrection is not a return to the old creation but a new birth through death. And where death is a new birth unto life, there is no more death.
Through our baptism and confirmation, we are embraced by the risen Christ and taken up in his love. Through our baptism - immersion in water is the image of this - we are immersed in the death of Christ and we have died with Him. If we have died in union with Him, we will also rise with Him.
In our Baptism we are united with Christ, we are clothed with Christ, of which our baptismal robe is the sign. Being clothed with Christ, with the Son of God, we have become sons of God, children of God. As children of God, we are a new creation, God is our Father, and we have become children of the resurrection and eternal life with Christ. We can lose the grace of our baptism by separating ourselves from Christ. Then there is no salvation possible.
Let us celebrate Easter, the high feast that God is our Father. Let us rejoice that God has redeemed us through his Son, that we have become his beloved children, by virtue of our baptism. Let us thank God for his goodness, his mercy and his faithfulness. This is the day that God has made and given for us. Let us celebrate him in joy.
With Mary, the Queen of Heaven, we too can rejoice. Queen of heaven: rejoice, because the Son of God and your Son are truly risen. We, chaplain Beekman, emeritus pastor of the Gilde, and the former pastor of our parish Dominique Donders and I, wish you all a Happy Easter! Amen.